Jaargang 7 • Verschijnt tweewekelijks • Losse nummers € 4

Eiergeweld

door | feb 13, 2023

Ruim tweeënhalfjaar is het huis van Argus-columnist Mijke Pol doelwit van vandalen die er allerlei etenswaar tegenaan gooien. Het maakt een ongekende agressie in haar los. Wanneer haar huis in Den Bosch in de verkoop gaat, is ze vastbesloten de daders te vinden.

Ik heb net onze twee dochters op bed gelegd wanneer de eerste harde klap klinkt. Over het voorraam druipt een rauw ei. Ik ren naar buiten en hoor het geratel van een fiets. Gevolgd door: “Hij zat erop hè!” Wanneer ik de poort opentrek, zie ik niemand meer. Ik weet dat het geen zin heeft om erachteraan te rennen. Ik zal hoogstens zien wat ik de afgelopen tweeënhalf jaar ook gezien heb: de achterkanten van drie of vier tienerjongens die er razendsnel vandoor gaan.
Binnen zie ik op de beeldbabyfoon dat de meisjes nog wakker zijn. Soms horen ze de klap. Dan vragen ze de volgende ochtend: “Er waren zeker weer eigooiers?”
Mijn broer helpt me met het uitrollen van de tuinslang. Een ei moet je meteen verwijderen, dat weet ik inmiddels. Anders sta je de dag erna de aangekoekte prut van het glas te krabben. Die avond zal er nóg twee keer een ei gegooid worden.
De problemen beginnen in het voorjaar van 2020. ’s Avonds laat wordt het eerste ei gegooid. Het geluid van een rauw ei dat met veel kracht tegen een raam gegooid wordt, is onwaarschijnlijk hard. We veren omhoog om te kijken wie dit gedaan heeft. Halverwege de straat zwaaien in het donker vier jongens. Ze steken hun middelvingers op. Mijn man stuift naar buiten en rent erachteraan. Later zullen we nog vaak aan dit moment denken. Misschien was het na die avond wel gewoon gestopt als hij was blijven zitten. Als we er geen spel van hadden gemaakt.

In de maanden die volgen wordt het arsenaal etenswaren uitgebreid. Avocado’s, tomaten en pepernoten worden op vrijdag- of zaterdagavond tegen het raam gesmeten. Midden in de nacht wordt er regelmatig belletje getrokken. In de buurtapp vraag ik of meer mensen hier last van hebben, maar niemand herkent dit. Om en om posten we – tevergeefs – ’s avonds in de speeltuin tegenover ons huis. We rijden extra rondjes met de fiets en vragen buren die hun hond uitlaten extra op te letten.
Op een avond in september, het is net donker, schijnt plots een rode laserstraal in onze ogen en vervolgens maakt hij een reis door onze woonkamer. In de portiek van de huisartsenpost tegenover ons huis staan opnieuw drie jongens. In het zwart gekleed, nog altijd niet herkenbaar. Als ze zien dat wij kijken, zwaaien ze. Ik voel me bijzonder onveilig.
Met de buurtagent spreken we af dat we na ieder incident bellen met de meldkamer. Af en toe stuurt die een wagen om een extra rondje te rijden. Vaak hoor ik van de telefoniste dat het gewoon kwajongensstreken zijn. Mijn vader zegt dat ik te lief blijf: “Je moet zeggen dat je ze met een knuppel neer gaat slaan. Dan komen ze wel.”
Dat van die knuppel is eigenlijk niet overdreven. Inmiddels hebben mijn man en ik fantasieën over het ernstig verwonden van de jongens. In mijn hoofd heb ik ze al regelmatig door de lucht zien vliegen, nadat ik dankzij een perfecte timing een tak tussen hun spaken heb gestoken. De agressie die ik voel is nieuw voor me. Ik slaap inmiddels heel slecht, voel me angstig en ben moedeloos.
In oktober 2022 komt ons huis te koop. Ons droomhuis, in dezelfde straat, is vrijgekomen. Wanneer de makelaar het bord in onze voortuin zet, voel ik me schuldig. De kopers van ons huis betalen veel geld voor een ogenschijnlijk perfecte woning. De daders vinden is onze enige uitweg.

De wijkagent adviseert ons camera’s te kopen en te zoeken of iemand in de buurt al een camera heeft hangen. Ik vind er al snel een. Ik geef de datum en tijdstippen door van de bewuste avond waarop er drie keer gegooid werd. Tien minuten later appt een buurvrouw me drie filmpjes. Het zijn de jongens. Het is schemerig, het beeld is niet scherp, maar je hoort ze wel. Een van de jongens roept: “Ik ga haar recht in de ogen kijken.”
Ik deel de beelden met de wijkagent, maar ik zet ze ook in de buurtapp. Een week later word ik gebeld. Ik ben elders aan het werk, mijn schoonouders passen op. Een buurman vertelt dat hij zojuist door de wijk liep en jongens hoorde zeggen dat ze eieren gingen kopen. Ik app de wijkagent: ‘Ze zijn er NU.’
Dit blijkt een doorbraak. De politie gaat rijden, vindt de eigooiers niet, maar spreekt een aantal jongens aan dat aan het voetballen is. Die komen geschrokken thuis. Een van de ouders vraagt aan zijn zoon om naar de eerder gedeelde filmpjes te kijken. En dan volgen er op de app namen. Een dag later krijg ik dezelfde namen van iemand anders. Een van de fietsen heeft een herkenbaar geel kratje. De tipgevers weten het zeker: dit zijn ze.
Diezelfde week bezoekt de politie de jongens. Als eerste zit daarna het gele kratje met zijn ouders bij ons op de bank. Ik ken zijn vader. De jongen is vijftien, zegt onbewogen ‘sorry’ en kan geen antwoord geven op de belangrijkste vraag: Waarom? Hij mompelt iets over verveling. Ik weet dat hij tegen de politieagent gezegd heeft dat hij een enorme hoeveelheid haat voelt tegenover ons. Wanneer ik hem daarna vraag, haalt hij zijn schouders op. “Ik ken jullie eigenlijk niet.”
We proberen hem duidelijk te maken wat zijn acties met ons gedaan hebben. Zijn moeder schudt voortdurend haar hoofd, zegt meerdere keren sorry. “Het is een heel slimme en lieve jongen. Ik snap dit niet.” Het lijkt de jongen niets te doen. Ik moet huilen, mijn man wordt kwaad.
Bij de tweede jongen gaat het ongeveer hetzelfde. Hij stelt voor de camera’s die we gekocht hebben op Marktplaats te zetten en de rest van het aankoopbedrag bij te leggen. Wij weigeren, zijn stupéfait. De derde jongen hoeft van zijn moeder niet langs te komen.

Uiteindelijk wordt het bedrag van de camera’s overgemaakt door de hoofdschuddende moeder. En daarna is het stil. Er wordt niets meer gegooid. Wanneer ik weken later een van de jongens zie, valt me op dat hij het gele kratje van zijn fiets heeft gehaald. Ik probeer er niets achter te zoeken, maar dat lukt niet. Er is iets in mij dat de jongens beschadigd hebben. Iets dat met geen tuinslang meer is schoon te spoelen.

PROEFABONNEMENT
4 NUMMERS VOOR € 14